Bij marfanpatiënten komen afwijkingen voor aan het skelet. Veel voorkomend zijn: zijwaartse verkromming van de wervelkolom (scoliose), verschuiven van een wervel, kippenborst , trechterborst, instabiliteit van gewrichten, instabiele knieschijf, platvoeten, hamer- en klauwtenen of te diepe kom van het heupgewricht.

Al deze afwijkingen aan het skelet kunnen ook voorkomen bij mensen die geen marfan hebben. De behandeling van de afwijking bij marfanpatiënten en niet-marfanpatiënten is dan ook hetzelfde.

Operatie van trechter- of kippenborst

Bij een trechter- of kippenborst gaat men soms over tot een operatie. Bij een jongere met marfan is het van belang dit te doen na overleg met een kindercardioloog.

Scoliose

Kan behandeling van scoliose met een brace een operatieve ingreep voorkomen?

Scoliose komt voor bij ongeveer 62% van de mensen met het marfansyndroom. De bochten zijn dikwijls stijver dan bij mensen met scoliose die geen marfan hebben. Daardoor is de kans van herstel door middel van een brace geringer en is soms alsnog een operatie nodig. Jongeren hebben een nog niet volgroeid skelet. Als zij een scoliose hebben tussen de 20 en 45 graden is het belangrijk de voor- en nadelen van het dragen van een brace of een operatie goed tegen elkaar af te wegen.